Het rechtsproces rondom de Toeslagenaffaire is een schoolvoorbeeld van klassenjustitie

Op vrijdag 15 januari trad het kabinet af. Het was één van de gevolgen van de Toeslagenaffaire. Een symbolisch gebaar dat compleet nutteloos is voor de gedupeerden, waarvan het merendeel nog steeds niet gecompenseerd is. In een eerder artikel legden we al uit wat de Toeslagenaffaire precies is en spraken we met gedupeerden. In dit artikel leggen we uit waarom het voor gedupeerden zo lastig is om hun gelijk te halen. De meeste gedupeerden zijn genoodzaakt gebruik te maken van de sociale rechtsbijstand. Maar door bezuinigingen op de sociale advocatuur, zijn de mogelijkheden hierin zeer beperkt. Hierdoor maken de gedupeerden geen schijn van kans tegen de overheid, met haar ongelimiteerde budget.

Tussen 2013 en 2019 zijn er zeker 26.000 ouders slachtoffer geworden van valse fraudeverdenkingen door de Belastingdienst. Hierdoor kregen zij te maken met hoge naheffingen, faillissementen, echtscheidingen en zeer ingewikkelde schuldenproblematiek. Tijdens een verkiezingsdebat op 28 februari confronteerde Kristie Rongen, een van de gedupeerden, Mark Rutte over de rechtsbijstand in de affaire. Hierin gaf de premier aan dat de gedupeerden de mogelijkheid hebben zelf een advocaat te kiezen. Dat is klinkklare onzin. De mogelijkheden voor een advocaat liggen voor de meeste gedupeerden uitsluitend in de sociale rechtsbijstand. Vanwege hun financiële situatie – die mede is ontstaan als gevolg van overheidshandelen in de Toeslagenaffaire – hebben veel gedupeerden helemaal de middelen niet om vrijelijk een advocaat te kiezen. Hun mogelijkheden zijn juist zeer beperkt.

Geen mogelijkheid om zelf een advocaat te kiezen 

Sociaal advocaten staan cliënten bij die zelf niet genoeg geld hebben voor een advocaat. De overheid subsidieert de sociale advocatuur, maar heeft hier de  afgelopen tien jaar flink op bezuinigd. Dit heeft geleid tot overvraagde en onderbetaalde advocaten en juristen. Zo besteden sociaal advocaten gemiddeld veel meer tijd aan cliënten dan ze vergoed krijgen. Vanwege het beperkte budget moeten veel sociaal advocaten ook administratief werk zelf verrichten, waardoor ze harder werken voor hetzelfde geld of minder. De vergoedingen gingen niet alleen omlaag, de wet- en regelgeving werd ook complexer. Hierdoor is de behoefte aan bijstand juist gegroeid.

Voor de gedupeerden die aangewezen zijn op de sociale advocatuur, heeft de overheid een Subsidieregeling pakket opgesteld. In het pakket staat dat er een pool wordt gemaakt van enkele advocaten die aan een aantal voorwaarden voldoen. Deze advocaten doorlopen vervolgens een matchingproces waarbij zij gekoppeld worden aan de gedupeerden. De gedupeerden hebben dus ook in de sociale advocatuur, niet de vrije keuze. Ook beperken de voorwaarden de mogelijkheid om een advocaat in te huren die zich specialiseert in belastingrecht. 

Gedupeerden die denken recht te hebben op meer compensatie dan is beoordeeld, kunnen naar de Commissie Werkelijke Schade stappen. Na een integrale beoordeling van het dossier bepaalt deze commissie of de gedupeerde daadwerkelijk recht heeft op meer compensatie voor een advocaat. Ook hier ligt echter weer een addertje onder het gras. Zo zou de Commissie Werkelijke Schade maar honderd zaken per jaar kunnen behandelen, waardoor gedupeerden niet de juiste compensatie zouden krijgen of hier nog langer op moeten wachten.

Zo bevestigt ook advocaat A. Laghmouch:

‘’Voor mensen die gebruik maken van de rechtsbijstand, is er een budget van 1000 euro beschikbaar voor de advocaat. Als advocaat ben je dus gedwongen na te denken hoeveel mensen uit de gesubsidieerde rechtsbijstand je bij zal staan. Je moet natuurlijk ook gewoon je zakelijke en privé uitgaven kunnen bekostigen. Daarnaast worden de wetten steeds complexer en worden mensen ook steeds mondiger. Ze gaan vaker de strijd aan met de overheid. Advocaten moeten zich steeds meer specialiseren om de juiste kwaliteit te kunnen bieden. Specialisatie maakt echter ook dat een advocaat duurder wordt. Daardoor komen burgers die het echt nodig hebben vaak niet bij een goede advocaat terecht.’’

Dat is echter niet het enige opmerkelijke aan de voorwaarden. “De affaire, de subsidieregeling, het compensatieproject, die hele procedure is nieuw”. stelt de advocaat tegenover Lilith Mag. ‘’Als het een nieuwe procedure is, waarom wordt er dan gekeken naar wat een advocaat in 2019 en 2020 heeft gedaan?’’ 

Ook Jacqueline Massop, een van de gedupeerden die namens hen met de Belastingdienst en het kabinet spreekt, heeft haar zorgen geuit over de regeling.

“Wij zien het volgende probleem al oppoppen. Het gaat vastlopen en je gaat weer hetzelfde probleem krijgen. Juist de dossiers waarover de Commissie Werkelijke Schade zich straks moet buigen zijn complexe zaken.”

Gezien het feit dat hier veel tijd in zit, zouden veel gedupeerden dus simpelweg ‘nog niet aan de beurt komen’. 

Onevenwichtige verhoudingen
Terwijl de gedupeerden zelf juist gebonden zijn aan beperkingen en voorwaarden, maakt de overheid vrij en blij gebruik van de landsadvocaat. Die wordt overigens vergoed van belastinggeld dat de burger betaalt

In 2019 bleek uit onderzoek dat Pels Rijcken, de firma dat landsadvocaten aanlevert, in 2017 ruim 23 miljoen euro verdiende aan de samenwerking met de overheid. Schandalig, vindt Laghmouchi:

“Van het budget van 1000 euro moet je als advocaat gesprekken voeren, dossiers opvragen, een bezwaarschrift opstellen, naar het hoorgesprek, de inzage en de uitspraak. Bij een toeslagenzaak is er veel briefverkeer, wat betekent dat je daar eerst een overzichtelijk geheel van moet maken. Daarnaast moet je het geheel ook nog alles uitleggen aan de cliënt en dan hopen dat er ondertussen niets bijkomt. Dat red je nooit met 1000 euro. De overheid daarentegen, heeft een onbeperkt budget want de overheid kan niet failliet gaan. En dat gebruiken ze ook. Je ziet dat instanties als de Belastingdienst dan veel vragen gaan stellen, informatie op gaan vragen om tijd te rekken en vaker procedures op zoeken. Zij denken: ‘ga maar lekker in bezwaar, dan kom je toch weer bij mij terecht’. Daarnaast hebben de burgers voor een bezwaarfase vaak niet eens recht op gesubsidieerde rechtsbijstand, omdat de Raad voor Rechtsbijstand vindt dat mensen dit [in het kader van zelfredzaamheid] zelf kunnen doen, terwijl uit de praktijk blijkt dat mensen dit vaak niet zelf kunnen. Ondertussen is de burger hier niet alleen financieel, maar ook emotioneel jaren mee bezig.”

In januari 2021 schreef de Vereniging Sociale Advocatuur Nederland een brandbrief aan de overheid. In de brandbrief staat dan ook terecht: ‘Een van de lessen geleerd uit de Toeslagenaffaire is dat de rechter alleen onvoldoende bescherming biedt aan de burger in die onevenwichtige verhouding tot de overheid’. Dit blijkt ook uit een artikel van Follow The Money. Het bestuursrecht gaat ervan uit dat overheidsinstanties zoals de Belastingdienst, de wet rechtmatig uitvoeren, waardoor je als burger eigenlijk altijd al 1-0 achterstaat. En dan bezuinigt de regering ook nog op de sociale advocatuur, terwijl de overheid in twee derde van die zaken partij is. We hebben het immers nog niet eens gehad over het feit dat de gedupeerden in deze zaak alleen rechtsbijstand nodig hebben, vanwege fouten die de overheid heeft gemaakt. 

Als de gedupeerden daarmee ook nog beperkt worden in de mogelijkheden voor rechtsbijstand, terwijl de overheid oneindig door kan procederen, is er dan überhaupt een mogelijkheid om te spreken van gerechtigheid? Hiermee wordt dan ook meteen de uitspraak van Mark Rutte ontkracht: de gedupeerden hebben niet de mogelijkheid zelf een advocaat te kiezen. Sterker nog, de gedupeerden worden zelfs beperkt in hun mogelijkheden en actief tegengewerkt door instanties als de Belastingdienst.  De advocaten die zich kapot werken om burgers bij te staan worden onderbetaald en krijgen niet de middelen om hun beroep naar behoren uit te oefenen. Het is dan ook geen verrassing dat de gedupeerden tijdens een gesprek in de Tweede Kamer aangeven te weinig bevoegdheden te krijgen om zelfstandig beslissingen te nemen. Dit terwijl de overheid het maar al te graag op de zelfredzaamheid van de burger gooit, om zo geen rechtsbijstand uit te hoeven keren. Rechtsbijstand dat overigens gefinancierd wordt door de belasting, die de burger betaalt.

Vervolgens stelt de premier tijdens een interview met Nieuwsuur vol trots dat hij nu niet ‘ineens allemaal dingen anders gaat doen’, omdat hij hier immers al tien jaar zit. Het is een klap in het gezicht van de gedupeerden en een schande voor de Nederlandse rechtsstaat. Niet alleen liegt de – inmiddels demissionair – premier ze voor, zijn arrogantie staat blijkbaar boven de rechten van de gedupeerden. Hoe kunnen de gedupeerden, maar ook alle Nederlandse burgers die toekijken, ooit nog vertrouwen hebben in zo een corrupt kabinet? De dikke Van Dale definieert ‘klassenjustitie’ als ‘justitie die de rijken bevoordeelt boven de armen’. Het huidige rechtsproces omtrent de Toeslagenaffaire is hier een perfect voorbeeld van.

ArtikelenSoraya Hadjar